01. IN EEN FLITS GELEERD

- interview met Sofie van Heemskerk en Jamie de Vré

Met flitsbezoeken willen docenten Sofie Heemskerk en Jamie de Vré het gesprek over onderwijskwaliteit met collega’s op gang brengen. Docenten nemen vijf minuten bij elkaar een kijkje in de les en kunnen zo proeven van elkaars aanpak.

‘Elk jaar bespraken we in het team hoe nuttig collegiale lesbezoeken zouden zijn: kijken hoe de ander lesgeeft, ontdekken waar je zelf misschien nog iets kunt verbeteren. Een mooie vorm van informeel leren’, zegt Jamie de Vré, i-coach en docent bij ROC Amsterdam en Flevoland. Maar elk jaar kwam het er niet van, verzucht hij. Volle agenda’s, de waan van de dag, maar ook aarzeling bij collega’s. ‘Docenten hebben de klas vaak tot hun domein gemaakt. Daar hebben zij de touwtjes in handen’, zegt collega Sofie Heemskerk. ‘De deur openzetten voor een collega kan eng zijn.’

Samen keken Jamie en Sofie hoe ze uit deze patstelling konden raken. Inspiratie bood Three Minute Classroom Walk Through, een onderwijsklassieker over lesbezoeken uit 2004. In plaats van een bezoek een heel lesuur te laten duren spreken leraren af om slechts enkele minuten bij elkaar binnen te kijken. Ze beoordelen elkaar niet, maar delen na afloop indrukken en ideeën. Jamie: ‘Minder eng en veel eenvoudiger te organiseren.’

Sofie van Heemkerk en Jamie de Vré organiseren ultrakorte lesbezoeken.

Aan de slag

In het voorjaar van 2021 gingen Jamie en Sofie van start met een eigen variant: het flitsbezoek, een lesbezoek van vijf minuten en aangevuld met een ‘flitskaart’, een hulpmiddel voor de voorbereiding. Vooraf bepalen de docenten een tijdstip voor het bezoek en spreken ze af waar de bezoekende collega op zal letten: klassenmanagement, de interactie met studenten of de didactiek. Sofie: ‘Zo houd je als docent de controle. Dat draagt bij aan het gevoel van veiligheid: docenten bepalen zelf hoe kwetsbaar zij zich opstellen, wat ze aankunnen en waar ze misschien even mee willen wachten.’

Toen collega’s voor het eerst hoorden van de flitsbezoeken, waren ze verbaasd. Jamie: ‘Hoe kan een bezoek van vijf minuten nuttige inzichten opleveren, vroegen ze ons.’ Maar na enkele sessies sloeg de verbazing om naar enthousiasme.

Sofie: ‘Juist doordat je maar vijf minuten hebt, let je beter op. Je kijkt scherper naar wat er gebeurt, merkten ze al snel.’ Ook ervaren collega’s de flitsbezoeken vaak als een vorm van erkenning. ‘Je collega weet als geen ander hoe uitdagend sommige lessituaties kunnen zijn. Het is fijn als je collega ziet hoe jij je daar toch in staande weet te houden.’

“Flitsbezoeken zijn een vorm van erkenning: het is fijn als je collega ziet hoe jij je staande weet te houden”

De laagdrempelige flitsbezoeken kunnen een goede opstap vormen naar een diepgaander gesprek over onderwijskwaliteit, denken de twee. Jamie: ‘Met het flitsbezoek zet je de deur op een kier. Als het bevalt, kun je deze steeds wijder openzetten.’

Sofie: ‘Samen je onderwijs bespreken zou normaal moeten zijn. Maar we stellen ons als docenten vaak beschermend op. Door deelname aan de flitsbezoeken laat je elkaar zien dat je wel degelijk van en met elkaar wilt leren. Het mooie is dat je niet hetzelfde vak hoeft te geven om toch met elkaar een inhoudelijk gesprek over onderwijs te kunnen voeren: didactische inzichten zijn immers vakoverstijgend.’

Deel van de jaartaak

Een van de voorwaarden voor succesvolle flitsbezoeken is facilitering door het management en een veilige leercultuur. Sofie: ‘Bij ons is informeel leren opgenomen in de jaartaak. We hebben er dus uren voor.’

Ook heldere afspraken over de rol en inhoud van de flitsbezoeken zijn belangrijk, benadrukken de twee. Jamie: ‘Om een veilige leercultuur te creëren is het belangrijk dat iedereen weet dat je niet afgerekend kunt worden op wat er tijdens de flitsbezoek geobserveerd wordt. Wat jij en je collega bespreken, blijft in principe tussen jullie.’

Samen voorbereiden

Voorafgaand aan een flitsbezoektraject oefenen Jamie en Sofie met hun collega’s met het delen van indrukken en stellen van vragen. Sofie: ‘Docenten hebben door hun werk een kritische houding ontwikkeld. Dat is positief, maar een nadeel is dat ze daardoor soms extra gevoelig zijn voor vragen van collega’s. Al vraagt die collega alleen maar waarom een leerling zijn jas nog aanhad tijdens de les. Toch ervaart een docent zo’n vraag al snel als kritiek.’

Tijdens de oefeningen spelen Sofie en Jamie bepaalde scenario’s uit om collega’s bewuster te maken van hoe zo’n interactie kan ontstaan. Sofie: ‘Het doel is dat we elkaar vanuit een wederzijdse belangstelling benaderen. Daarvoor moet je soms je kritische stem wat dempen en jezelf meer openstellen voor nieuwe indrukken.’

Ook flitsbezoeken organiseren? Kom naar de workshop op 24 mei 2022 tijdens het Onderwijs Innovatie Festival.

ONDERWIJSAMBASSADEURS: VERBINDERS TUSSEN ONDERWIJS EN SAMENLEVING

Twee jaar geleden startte leerkracht Meintje Spijker het project Onderwijsambassadeurs: mensen van buiten het onderwijs ondersteunen en inspireren leerkrachten en leerlingen in de klas. Dat ontlast de leerkracht.

Door: Meintje Spijker

We leren kinderen van jongs af aan hoe ze hun eigen problemen kunnen oplossen. Ook leerkrachten zijn hier dagelijks mee bezig. Maar hoe zit het met één van de grootste problemen van het onderwijs: het lerarentekort? Wie gaat dat oplossen? Het lerarentekort is niet enkel een probleem van het onderwijs of de overheid, maar van ons allemaal. De oplossing zal dus ook uit onszelf moeten komen. Daarom ben ik een initiatief gestart: de Onderwijsambassadeurs, een project waarin mensen van buiten het onderwijs of gepensioneerden scholen te hulp schieten. Het project startte in september 2020 met een pilot op basisschool De Boomgaard van stichting PCOU/Willibrord in Utrecht. Het doel: zorgen voor een duurzame verbinding tussen scholen en de samenleving.

Onze onderwijsambassadeurs zetten een schooljaar lang één dag per week hun expertise en talenten in om leerlingen en leerkrachten te inspireren. Ze bieden praktische ondersteuning in de klas en vertellen over hun leven of werk. Er ontstaan mooie verbindingen tussen de twee werelden.

Soms zijn onderwijsambassadeurs ouders van kinderen op de school, soms mensen uit de wijk of uit het netwerk van teamleden of de school. Ze hoeven geen onderwijsbevoegdheid te hebben, wel moeten ze het leuk vinden om met (groepen) kinderen om te gaan, affiniteit hebben met het onderwijs en in het bezit zijn van een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG). Door de samenleving nadrukkelijker de school in te halen krijgen leerlingen een beter beeld van de wereld waarin zij opgroeien. Ook krijgen ze een duidelijker perspectief op wat hun eigen rol in de maatschappij later misschien kan zijn.

Ademruimte

Voor de onderwijsambassadeurs is de ervaring ook winst, hebben we gemerkt: zij nemen de input van leerlingen en leerkrachten vaak mee in hun werk. Dat is geen doel op zich, maar wel een mooie bijkomstigheid.

Dankzij het project ervaren veel leerkrachten dat ze meer ademruimte krijgen. Ze houden meer tijd over om energie te steken in individuele leerlingen en te werken aan de onderwijskwaliteit als geheel.

“Door de samenleving nadrukkelijker de school in te halen krijgen leerlingen een beter beeld van de wereld waarin zij opgroeien”
Naar de toekomst

Dankzij de Onderwijsambassadeurs kunnen we structureel meer ruimte creëren voor individuele begeleiding en aandacht voor de groep als geheel. Onze ambassadeurs kunnen vanuit hun expertise een onderdeel van het lesprogramma voor hun rekening nemen, waardoor leerkrachten gedurende de dag hun ‘aan-knop’ even kunnen omzetten naar ‘pauze’. Daarna kunnen ze de les weer met nieuwe energie overnemen. Hopelijk behouden we hierdoor onze waardevolle leerkrachten.

De kracht van het project is dat het de leerkracht direct ondersteunt in de praktijk. Het project is laagdrempelig: vrijwel iedereen in de samenleving kan meedoen. Met aandacht wordt gekeken wat een passende match is tussen school, leerkracht en ambassadeur. Met vertrouwen in elkaars expertise op alle niveaus binnen de school, kan de inzet van Onderwijsambassadeurs onderdeel worden van het schoolbeleid en bijdragen aan de onderwijskwaliteit.

Kijk voor meer informatie op onderwijsambassadeurs.nl.

Meintje Spijker geeft een kickstart aan een van de dialoogtafels op 24 mei 2022 tijdens het Onderwijs Innovatie Festival.
'Een droom die uitkomt'

Ingrid de Koster is een van de eerste Onderwijsambassadeurs. Ze wilde altijd al met kleuters werken, maar haar carrièrepad liep anders: al jaren werkt ze fulltime voor een bank. Twee jaar geleden las haar dochter, leerkracht op de eerste pilotschool, de oproep voor Onderwijsambassadeurs. Ze dacht direct aan haar moeder. Ingrid kreeg een intakegesprek en ontmoette een leerkracht van De Boomgaard. Samen spraken ze af dat Ingrid een schooljaar lang op donderdag zou meelopen in groep 1/ 2. Haar werkgever heeft haar de ruimte gegeven om één dag in de week in het onderwijs te helpen. Ingrid heeft geen moment spijt gehad: ‘Dit is een droom die uitkomt’. Inmiddels heeft ze met de school afgesproken om nog een schooljaar te komen.

Deel deze pagina